vereniging Hendrick de Keyser

Architectuur bekent kleur

Enkele oude schildertechnieken

Houtimitaties
Het imiteren van kostbare houtsoorten wordt ‘houten' (of gladhout schilderen) genoemd. In de loop van de 18de eeuw komt het houten sterk in de mode, een vervolg op het 17de-eeuwse nabootsen van eiken op een grenen ondergrond. Vooral balken, deuren, deuromlijstingen, trappen, lambriseringen, bedsteden en kasten werden op deze wijze gedecoreerd. Op een gladde grondlaag werd een dunne transparante verflaag aangebracht waar men met een kam, veer, penseel, daskwast en later gummilap patronen in kon maken. Op deze manier kon men de mooiste nerven, vlammen en patronen van allerlei inheemse en exotische houtsoorten nabootsen, van eiken tot ebbe, palissander, ceder, wortelnoten en mahonie. In de 19de eeuw bloeide het houten weer op, in het interieur en op winkelpuien.

Makkum - Turfmarkt 5 - Hout- en marmerimitaties op een kastenwand

Marmerimitaties

Ook kostbaar gepolijst marmer werd door huisschilders op houtwerk of muren geïmiteerd. Dit werd al in het midden van de 17de eeuw in ons land gedaan. Vooral schoorsteenmantels, lambriseringen, wanden, kozijnen, zuilen en pilasters kwamen voor deze techniek in aanmerking. Allerlei marmersoorten konden door de huisschilder met penseel en kwast in dunne verflagen nagebootst worden, van rood gevlamd marmer tot zwart geaderd portor en wit gevlekt carrara. Een bijzondere schildertechniek is het ‘blotevoetjesmarmer'. Het betreft geen marmerimitatie maar een vorm van vloerdecoratie. Kindervoetjes werden in natte verf gestempeld op een voorbewerkte ondergrond, zodat een typerende structuur ontstond. Verwant zijn houten vloeren waarin met spons, leer of natte doeken houtpatronen werden getrokken.

Restauratie van 'blotevoetjesmarmer'

Sjabloonschilderen
In de middeleeuwen, aan het eind van de 19de en in de vroege 20ste eeuw was het schilderen met behulp van sjablonen een veelgebruikte techniek. Ook in de late 18de eeuw werd met deze decoratietechniek gewerkt. De schilder tekende zijn ontwerp met potlood op geolied tekenpapier of karton en sneed vervolgens de motieven uit. Ook metalen sjablonen werden gebruikt. Er moesten in deze tijd veel woningen gebouwd worden en met sjabloonwerk konden interieurs relatief snel gedecoreerd worden. Een kleine sjabloon industrie ontwikkelde zich, waarbij men patronen, van strak tot speels, kon kiezen uit voorbeeldboeken. De aula van het Hodshon Huis in Haarlem is met deze techniek van prachtige schilderingen voorzien.

Den Bosch - Hinthamerstraat 138 - restauratie plafond (foto Willem Coolen)

Haarlem - sjabloonschilderingen in het Hodshon Huis (foto Jeroen Wilbrink)

Vergulden
Vergulden is een nauwgezette en kostbare schildertechniek die in het interieur vooral op ornamenten en lijsten is toegepast. Het vergulden beleefde een hoogtepunt tijdens de Lodewijkstijlen in de 18de eeuw. Voor het vergulden worden boekjes met dunne velletjes bladgoud gebruikt. De legering van het bladgoud is bepalend voor glans en diepte. Zo maakt de toevoeging van zilver het bladgoud lichter, terwijl koper het goud een rode gloed geeft. Voor het hechten van het bladgoud op een zorgvuldig voorbereide ondergrond is een plakmiddel nodig, meestal een mengsel van harsen en olie. Eventueel kan een vergulding gepolijst worden of juist matter gemaakt worden met een vernislaag.

Hoorn - Muntstraat 6 (foto Arjan Bronkhorst)

Lees meer over kleuronderzoek en restauratie >>